Vogelonderzoek

Een belangrijk onderscheid in het onderzoek naar vogels betreft enerzijds de broedvogels en anderzijds de water- en wintervogels. Broedvogels leven over het algemeen van elkaar gescheiden in paren en bakenen per paar een gebied af waarin zij foerageren en rusten. Voor koloniebroeders ligt dit natuurlijk anders. Bij water- en wintervogels gaat het om vogels die hun broedgebieden verlaten hebben en kunnen samenclusteren in grote aantallen. Territoriumgedrag is niet belangrijk, maar het onderscheiden van slaap- en foerageergebieden wel. Het tellen van grote aantallen vogels en het onderscheiden van diverse op elkaar lijkende soorten kan watervogeltellingen lastig maken.

In 2019 wordt een broedvogelonderzoek uitgevoerd volgens de BMP-methode (BMP=Broedvogel Monitoring Project) van SOVON. De focus ligt op de aanwezigheid van broedvogels langs wegen en paden met verschillende verstoringsgraad rond Altena in de kop van Drenthe. Daarnaast wordt geïnventariseerd welk deel van het aanwezige gras- en akkerland door broedvogels wordt gebruikt. Op deze wijze ontstaat er een beeld van het belang van het huidige agrarische cultuurlandschap voor broedvogels. Erven en natuurbosjes worden buiten beschouwing gelaten. Gegevens voor het hele gebied rond Altena zijn beschikbaar vanuit de eerdere telling uit 2012 en uit het Atlasproject van SOVON (2013-2015).

Eerdere broedvogelinventarisaties betreffen de Grenskade en Waterbuffer Noord Bargerveen (2017), Deurzerdiep/Drentsche Aa (2015), Ellersinghuizerveld/Sellingen (2013), Marnewaard (2011-2015), graslanden Aduarderdiep (2008) en Eelderbaan Groningen (2007). Specifieke inventarisaties betreffen de Steenuil (Epe, 2014) en Ransuil (Park Selwerd Groningen, 2014). Bij diverse projecten zijn Gierzwaluw en Huismus geïnventariseerd.

Kuifeenden bij de spuisluizen van Kornwerderzand, voordat er sterke stromingseffecten optreden.

In de periode 2004-2015 zijn watervogeltellingen uitgevoerd in de Lettelberter bergboezem (nabij Leekstermeergebied) als vrijwilliger van het Groninger Landschap. Een specifiek watervogelproject betrof de vraag of watervogels met de sterke stroom worden meegesleurd bij de spuisluizen van Kornwerderzand in de Afsluitdijk. De aantallen watervogels werden tijdens drie bezoeken geteld op verschillende afstanden van de spuisluis en het gedrag (duiken, rusten, etc) werd genoteerd. De meeste vogels worden door de stroom meegevoerd, maar vliegen vlakbij de spuisluis op om verder op het IJsselmeer weer te landen. Watervogels kunnen verder een rol spelen in diverse projecten, zoals in een bezinkvijver of een zandwinplas.