Vleermuisonderzoek

De afgelopen tien jaar zijn in Noord-Nederland tientallen vleermuisonderzoeken uitgevoerd. De meeste onderzoeken concentreren zich op de functies die gebouwen voor vleermuizen hebben. De omgeving van de gebouwen speelt wel een rol in het onderzoek, maar het gebouw in kwestie staat centraal. In 2018 werd eenzelfde soort onderzoek uitgevoerd in de provincie Groningen, maar met een andere invalshoek: onderzoek in een gebied welke gebouwen een functie hebben voor vleermuizen. Dit onderzoek vond op grote schaal plaats en werd uitgevoerd samen met diverse andere bureaus en vleermuisdeskundigen. Dit onderzoek gaat verder door in 2019. Het betekent dat er met de verzamelde gegevens een analyse kan plaatsvinden van hoe de populaties van gebouwbewonende vleermuizen in dit gebied functioneren. Dit draagt bij aan de bescherming van vleermuizen.

Meervleermuis (Bron: Biopix)

In 2018 heeft onderzoek plaatsgevonden naar het gebruik door de Meervleermuis van enkele vijvers op het Zerniketerrein in Groningen. Deze soort is zeldzaam in de provincie Groningen. Er was relatief veel informatie beschikbaar, omdat de Vleermuiswerkgroep Groningen recent inventarisaties had uitgevoerd in de provincie naar aanleiding van het verdwijnen van een verblijfplaats in Appingedam rond 2014. In het provinciebrede onderzoek naar gebouwbewonende vleermuizen werd in 2018 opnieuw een verblijfplaats in Appingedam vastgesteld.

In 2018 vond in Drenthe eveneens een onderzoek plaats naar een foerageergebied van vleermuizen met als vraag of het mogelijk een essentieel foerageergebied betrof onder ongunstige weersomstandigheden. Met een relatief eenvoudige opzet kon het gebruik van het gebied worden gekwantificeerd en een afweging plaatsvinden of er sprake was een essentiƫle functie. Tenslotte zijn in het kader van de ecologische begeleiding van wegwerkzaamheden enkele vliegroutes gemonitord (tijdelijke hop-overs).