Nieuwkoop (11-02-2013)

Wonen in een natuurgebied.

In mei/juni 2012 is een ecologische quickscan uitgevoerd in Nieuwkoop. De lintbebouwing langs de Dorpsstraat en de Zuideinde is de oorspronkelijke bewoningsas. Ten zuiden daarvan loopt de Ziende, een voormalig veenstroompje. Van hier uit heeft men de venen ontgonnen. Als gevolg van de vervening en de daarop aangrijpende natuurkrachten van water en wind zijn uitgebreide plassen ontstaan. Deze zijn deels drooggemalen door middel van een systeem van dijken, ringvaarten en molens, zoals de polder ten noorden van Nieuwkoop. Deze polder ligt enkele meters lager.


Veenstroom
Ringvaart met Slangenwortel en Gele lis

Direct ten zuiden van Nieuwkoop ligt EHS en Natura2000-gebied Nieuwkoopse plassen & De Haeck. Dit gebied wordt beschermd vanwege de unieke waarden op het gebied van vegetatie en fauna. Waterpartijen, rietmoerassen, schraalgraslanden, bloemrijke hooilanden en moerasbossen wisselen elkaar hier af. De natuurlijke randvoorwaarden voor een soortenrijk veenmoeras zijn hier nog relatief intact. Daardoor komen er tal van planten- en diersoorten voor die voorheen in de hele streek voorkwamen maar nu tot dit gebied zijn teruggedrongen.

De bijzondere vegetaties, onder andere trilvenen en moerasheides, komen uitsluitend binnen de begrenzing van het Natura2000-gebied voor, alsmede diersoorten als Gestreepte waterroofkever, Noordse woelmuis, Roerdomp, Woudaap, Zwartkopmeeuw, Zwarte stern, Snor en  Grote karekiet. Ook de Heikikker komt er voor. Binnen het Natura2000-gebied komen  verder vogelsoorten voor als Boomvalk, Koekoek, Matkop, Nachtegaal, Oeverloper, Paapje en Slechtvalk. De Meije-graslanden zijn van belang als leefgebied voor de dagvlinders Zilveren maan en Aardbeivlinder.

 

Behalve deze soorten zijn er vogelsoorten die in het gebied rusten en/of nestelen en die erbuiten kunnen foerageren of verblijven: Purperreiger, Grote zilverreiger, Kolgans, Smient  en Krakeend. De Meervleermuis heeft juist zijn verblijfplaatsen (in bouwwerken) buiten het Natura2000-gebied en jaagt op grotere, maar vaak wel beschutte wateroppervlakken, binnen en buiten het Natura2000-gebied. Enkele soorten waarvoor het Natura2000-gebied is aangewezen, kunnen ook daarbuiten in en langs oppervlaktewateren worden aangetroffen: Rietzanger, Bittervoorn, Kleine modderkruiper en Platte schijfhoren.

 

Hoewel men in Nieuwkoop buiten de officiële begrenzing van het natuurgebied woont, houdt de natuur zich daar niet aan. Behalve de hiervoor genoemde soorten, die sterk samenhangen met de beschermingsstatus van het gebied, zijn er nog veel andere beschermde soorten die men in Nieuwkoop kan aantreffen. Wat er nog mist, zijn opgaand groen en oude bomen. Ook is er een sterke neiging naar verstening van tuinen en openbare ruimte. Er ligt dus een kans om het natuurlijke karakter van wonen in Nieuwkoop te versterken.



De Noordelijke Friese Wouden (04-01-2010)

Natuurwaarden in kleinschalig, besloten landschap.
In de Noordelijke Friese wouden zijn ecologische quickscans uitgevoerd in Broeksterwoude, Drachtstercompagnie, Drogeham, Harkema, Houtigehage, Kootstertille en Surhuizum.

De Noordelijke Friese wouden zijn een uitloper van het Drents Plateau ten noorden van de A7 Groningen-Drachten. Dit is een voormalig hoogveenlandschap dat naar de randen overging in laagvenen en moerassen. De strokenverkaveling die op veel plaatsen nog aanwezig is, verraadt nog de vroegere aanwezigheid van het veen. Na de ontginning van de hoogvenen, veranderden grote gebieden in heide. De bewoners leidden er een hard bestaan, wat terug te zien is in de kleine boerderijtjes. Door bodemaanpassing en aanvoer van kunstmest is de situatie voor de landbouw in de 20e eeuw sterk verbeterd.

Karakteristiek boerderijtje in de Noordelijke Friese Wouden
Voor veel boerderijtjes rest niets anders dan sloop. Op dit soort plaatsen kunnen vleermuizen, vogels en marterachtigen verwacht worden. 

Bijzondere natuurwaarden zijn er met name door de grote dichtheid van landschapselementen, zoals elzensingels en poelen. Deze bieden plek aan veel planten en diersoorten. In de laagten en aan de randen van het woudengebied treedt grondwater uit en komen bijzondere natuurwaarden voor die samenhangen met kwel.

Met name op het gebied van waterhuishouding liggen er kansen. Nu is het zo dat er in de zomer veel sloten droogvallen. Het water stroomt voornamelijk in de winter, als het neerslagoverschot groot is en bij zware regenval. De sloten en greppels zijn vrij eentonig en slibben dicht door bladval, waarna ze weer open gegraven worden. Wat betreft waterplanten en waterdieren hebben deze sloten en greppels weinig waarde. Nieuwe, meer continue stroming, kan een forse impuls geven aan de natuurwaarden van het woudengebied. De Friese wouden zouden weer een waterrijk gebied moeten worden. Nodig is, dat het overgedimensioneerde systeem van sloten en greppels wordt aangepast. Hierdoor kan in natte perioden water worden vastgehouden, dat in drogere perioden vertraagd vrijkomt.

De Noordelijke Friese Wouden zijn een nationaal landschap. Men ziet de verkaveling als één van de kernkwaliteiten. Het systeem van greppels dat vroeger nodig was om het gebied leefbaar te maken, draagt nu bij aan de droogte in het gebied. Door het staken van onderhoud en door op strategische plaatsen de greppels ondieper te maken, kan de cultuurhistorische structuur zichtbaar blijven, terwijl ook de natuurlijke toestand sterk kan verbeteren.



Bermen in Noord-Brabant (20-08-2007)

Sloten en sloottaluds kansrijk voor beschermde en zeldzame plantensoorten


Vos Ecologisch Onderzoek heeft in augustus onderzoek gedaan op de aanwezigheid van flora- en faunawetsoorten langs verschillende rijkswegen in Noord-Brabant met het oog op het plaatsen van raster voor kleinwild.

Het knooppunt Zonzeel ligt op zeeklei. Het opvallende bij knooppunt Zonzeel is de massale aanwezigheid van Zeegroene rus en Heelblaadjes. Op een plaats stond Zeebies in de sloot. Blijkbaar komt daar brak water aan de oppervlakte.

Bezemkruiskruid komt in Noord-Brabant langs sommige Rijkswegen veel voor

Drie trajecten liggen in het pleistocene deel van Noord-Brabant. Het maakt ontzettend veel uit wat het landgebruik in de omgeving is. In de buurt van intensieve landbouw zijn de bermen sterk verruigd. In de omgeving van natuurgebieden daarentegen komen schrale bermen voor en zijn met name de sloten en sloottaluds kansrijk wat betreft het voorkomen van beschermde en zeldzame soorten.

 



Flora en faunawet quickscan (01-07-2007)

Beschermde soorten ook in wegbermen
Voor Rijkswaterstaat heeft Vos Ecologisch Onderzoek samen met Oord faunatechniek een flora en faunawet quickscan uitgevoerd.

Een inventarisatie van plantensoorten in de bermen langs enkele Rijkswegen geeft antwoord op de vraag of er beschermde plantensoorten voorkomen binnen het bereik van geplande werkzaamheden. Vervolgens wordt advies gegeven welke maatregelen de opdrachtgever moet nemen.

De Kleine ratelaar is een soort van de Rode Lijst

De bermen langs Rijkswegen hebben vaak te lijden door verstoring en verruiging. Toch kunnen ook daar bijzondere vegetaties en plantensoorten voorkomen. Op klei komen bijvoorbeeld bloemrijke vegetaties met Kamgras voor. In schrale bermen op zand kunnen andere Rode-Lijstsoorten voorkomen, zoals Stekelbrem en Kleine ratelaar. Van de Flora en faunawet kan met name op taluds onder Essenbosjes de Gewone vogelmelk aangetroffen worden.